Veertiendagenbrief

Door het stellen van vragen aan de hoogste rechter in Nederland over incassokosten is er duidelijkheid gecreëerd over de termijn van 14 dagen die moet worden gehanteerd bij incasso’s van consumenten. Dit is van belang omdat in de veertiendagenbrief de juiste termijn moet worden vermeld.

Het gaat eigenlijk om een hele eenvoudige verwoording (“de dag na aanmaning”) die toch nog voor onduidelijkheid kan zorgen. De vraag is of de 14 dagen die volgens de wet gegeven moeten worden aanvangt op de dag zelf of op de dag na ontvangst door de consument

Met andere woorden, indien er in de brief wordt vermeld dat er voldaan dient te worden binnen 14 dagen en de brief is gedateerd op 3 juni, moet er dan uiterlijk voldaan zijn op 18 juni?

Hoogte van incassokosten

Het lijkt in eerste instantie niet veel uit te maken of er nu op uiterlijk de 18e voldaan dient te worden. Het is echter van wezenlijk belang voor het in rekening mogen brengen van de incassokosten. Bij kleine vorderingen gaat het in veel gevallen om incassokosten ter hoogte van € 40,- wat natuurlijk zonde is als dat wordt misgelopen. Voor grotere vorderingen kan het voor het incassobureau nog interessanter worden als de consument een dag te laat de rekening betaalt. Over een rekening met een hoogte van € 2500,- bedragen de incassokosten € 375,- indien er niet tijdig wordt betaald.

Ontvangst veertiendagenbrief

De moeilijkheid is erin gelegen dat de schuldeiser niet precies weet wanneer de veertiendagenbrief is ontvangen door de consument. Omdat voor een schriftelijke verklaring geldt dat deze pas haar werking heeft zodra die is ontvangen blijft er ruimte voor discussie open over deze termijn.

De hoogste rechter heeft nu bepaald dat de 14 dagen termijn pas daags aanvangt na het moment dat de schuldenaar (de consument) de brief kan hebben ontvangen. Er wordt voor een ruimere periode gekozen omdat in de praktijk niet op alle dagen post wordt bezorgd (en wordt ontvangen). De schuldeiser dient hier al rekening mee te houden.

Bewijs ontvangst veertiendagenbrief

De schuldeiser is tevens degene die dient te bewijzen dat de consument na die periode de veertiendagenbrief niet meer kon ontvangen. Hij dient feiten en omstandigheden aan te dragen waaruit volgt op welke datum de consument op zijn laatst de veertiendagenbrief kon ontvangen.

Indien de termijn van ontvangst wordt betwist dan kan er vanuit worden gegaan dat de veertiendagenbrief de tweede dag na het aanbieden bij de consument werd bezorgd. Dat betekent dat indien hij op 3 juni de brief aanbood bij de post, hij ervan uit mocht gaan dat de veertiendagenbrief op 5 juni was bezorgd. Deze regel geldt alleen indien er geen maandag, zondag of officiële feestdag zit tussen het moment van aanbieden en bezorgen.

Aanvang termijn veertiendagenbrief

Vanaf de dag na ontvangst van deze brief begint de termijn van 14 dagen te lopen. Dat is dus op 6 juni. Volgens de rechter is het de bedoeling van de wetgever dat de consument 14 volle dagen de tijd heeft om de rekening alsnog te betalen. De consument heeft dus tot en met 19 juni de tijd om te betalen. Betaalt de consument pas op de 20e dan is hij te laat en mogen de volledige incassokosten in rekening worden gebracht.

Juiste vermelding in de veertiendagenbrief

De rechter heeft nog van de gelegenheid gebruik gemaakt om te vermelden dat de termijn op de juiste wijze aangegeven moet worden in de veertiendagenbrief. Een juiste formulering om in de veertiendagenbrief te vermelden volgens de rechter is dat “incassokosten verschuldigd worden indien niet betaald is binnen veertien dagen vanaf de dag nadat deze brief bij u is bezorgd”

Ik denk dat er in niet veel brieven een juiste termijn wordt gehanteerd en dat ook niet de juiste formulering wordt gebruikt in veertiendagenbrief. Dat zou betekenen dat in veel gevallen de kans bestaat dat de incassokosten kunnen worden misgelopen.

Reactie achterlaten?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *