Werkgeversaansprakelijkheid ZZP-ers

De werkgeversaansprakelijkheid

Op steeds grotere schaal wordt er in het Nederlandse bedrijfsleven gebruik maakt van ZZP-ers. Daarom is het goed eens stil te staan bij een belangrijk onderwerp in de relatie opdrachtgever / ZZP-er; de werkgeversaansprakelijkheid voor door  ZZP-ers geleden schade. Onder omstandigheden kan er inderdaad sprake zijn van een werkgeversaansprakelijkheid, terwijl u geen werkgever bent. In deze blog zal ik u uitleggen hoe dat kan.

De wet

In artikel 7:658 BW staat dat de werkgever verplicht is de werkomgeving zo in te richten en te onderhouden en maatregelen te treffen om te voorkomen dat een werknemer in de uitoefening van de werkzaamheden schade lijdt. Indien een werknemer ten gevolge van die werkzaamheden schade lijdt is de werkgever voor die schade aansprakelijk, tenzij hij aantoont (bewijst) dat hij die verplichtingen is nagekomen of de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer (artikel 7:658 BW lid 1 en 2). Lid 4 zegt dat deze regels ook gelden indien de werkzaamheden worden verricht door een persoon met wie men geen arbeidsovereenkomst heeft, dus bijvoorbeeld uitzendkrachten.

Criteria ontwikkeld in de rechtspraak

In maart 2012 is door de Hoge Raad een belangrijke uitspraak gedaan in verband met een mogelijk beroep door ZZP-ers op de werkgeversaansprakelijkheid van artikel 7:658 lid 4 BW. De zaak draaide om een ZZP-er die door een opdrachtgever te werk was gesteld als reparatiemonteur van een vezelverwerkingsmachine. De man raakte tijdens deze werkzaamheden met zijn rechterbeen in de machine waardoor zijn rechterbeen moest worden geamputeerd. De monteur had geen arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten en stelde zijn opdrachtgever aansprakelijk voor de door hem geleden (inkomens)schade. Hij deed daarbij een beroep op het eerder genoemde artikel 7:658 lid 4 BW, dat bedoeld was ter bescherming van ingeleend personeel zoals uitzendkrachten.

Nadat de ZZP-er bij de rechtbank en het Hof vergeefs had geprobeerd zijn gelijk te halen, oordeelde de Hoge Raad in het voordeel van de monteur. De Hoge Raad heeft daarbij  twee criteria ontwikkeld, waaraan voldaan moet zijn wil een ZZP-er een beroep kunnen doen op de werkgeversaansprakelijkheid van artikel 7:658 lid 4 BW:

  1. Of de verrichte werkzaamheden, gelet op de wijze waarop de desbetreffende opdrachtgever aan zijn beroep of bedrijf invulling pleegt te geven, feitelijk tot zijn beroeps- of bedrijfsuitoefening behoren. Dit zal aan de hand van de omstandigheden van het geval beoordeeld moeten worden.
  2. Een werkgever die zijn zorgverplichtingen niet nakomt dient op gelijke voet aansprakelijk te zijn voor de schade van werknemers en anderen die bij hem werkzaam zijn.

Van belang is de zorgplicht. Wij zien dat schending van een zorgplicht over het algemeen van groot belang is in het aansprakelijkheidsrecht. Nu is deze dus ook gecombineerd met een werkgever die een ZZP-er inhuurt. De aansprakelijkheidsketen van een werkgever wordt hierdoor dus niet onderbroken.

Reactie achterlaten?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *